Electroconvulsietherapie
Download deze brochure als pdf
Electroconvulsietherapie (ECT) is een kunstmatig opgewekte epileptische aanval. Deze vindt onder narcose plaats. Cliënten met bijvoorbeeld een ernstige depressie, voelen zich na deze behandeling vaak beter. Deze behandeling is in het verleden omstreden geweest, maar door verbeterde technieken en apparatuur wordt de behandeling tegenwoordig weer steeds vaker toegepast. Met uitstekende resultaten.
Inhoud en doel
Door het toedienen van een korte stroomstoot wekken we een kunstmatige epileptische aanval op. Hoe ECT de hersenen precies beïnvloedt, weten we nog niet. Daar zijn verschillende theorieën over. Wel is duidelijk dat ECT voor een heleboel ernstig depressieve cliënten zo'n gunstige invloed heeft, dat zij zich na de behandeling veel beter voelen.
De behandeling vindt plaats in een ruimte waar narcoseapparatuur aanwezig is. Ook is er een anesthesioloog aanwezig om de narcose te begeleiden. Uw hart- en hersenactiviteit wordt tijdens de hele behandeling nauwlettend in de gaten gehouden.
Doelgroep
De meest voorkomende groep waarbij deze behandeling wordt aangeraden, zijn mensen met een ernstige depressie die niet voldoende reageren op medicijnen. Of die vanwege verschillende redenen geen medicijnen kunnen slikken.
Daarnaast wordt ECT ingezet bij mensen met een manisch-depressieve stoornis die een manische psychose hebben en soms bij schizofrenie.
Er zijn lichamelijke aandoeningen waarbij geen ECT behandeling gegeven kan worden, zoals bepaalde oogziekten en bij bepaalde neurologische aandoeningen in het hoofd, zoals een tumor. Na een herseninfact of een hartinfarct is voorzichtigheid geboden en moet je drie maanden wachten.
Wat komt er aan de orde?
Voor we met de ECT starten, wordt u eerste uitgebreid onderzocht. Er wordt een hartfilmpje gemaakt, er wordt bloedonderzoek gedaan en we bekijken of de dosis van uw medicijnen aangepast moet worden. Er wordt een afspraak gemaakt met de anesthesist die kijkt of er narcose gegeven mag worden. Als alle onderzoeken goed zijn kan de behandeling starten.
De behandeling vindt 2 keer per week plaats in het ziekenhuis, gedurende een aantal weken. Voor we de stroomstoot kunnen toedienen, wordt u eerst onder narcose gebracht en krijgt u spierverslappende medicijnen toegediend via een infuus. Door deze medicijnen merkt u niets van de epileptische aanval en blijft uw lichaam tijdens het toedienen van de stroomstoot rustig liggen.
Er worden elektroden aangebracht op uw hoofd. Als de spieren voldoende verslapt zijn geven we een kortdurende elektrische stroom die een epileptische aanval opwekt. Deze duurt kort en binnen enkele minuten komt u weer bij. Tijdens de behandeling wordt de bloeddruk, de hartslag, het zuurstof gehalte in het bloed en de hersenactiviteit in de gaten gehouden.
Na de behandeling gaat u naar de uitslaapkamer om goed wakker te worden en daarna terug naar de afdeling waar u verblijft.
Meestal is er na enkele behandelingen effect en gaan mensen zich prettiger voelen. De behandeling gaat door tot mensen zich volledig hersteld voelen of na enkele weken geen verdere verbetering meer voelen.
Na de behandeling wordt gestart met medicijnen om de verbetering vast te houden.
Praktische informatie
| Duur | Meestal zes weken |
|---|---|
| Frequentie | Meestal twee keer per week |


